Kip

Ze is oud, stokoud, maar nog verbluffend fit

Grijs, maar niet veel grijzer dan vroeger

Knap hoe ze zelfstandig door het leven gaat

Zelf haar eten zoekt en regenwater drinkt

*

Een gaaienpaar met jong komt dagelijks op bezoek

Ze waken over haar en krijsen bij gevaar

Dan gilt ze mee totdat ik buiten kom

Het gevaar verjaagd, ze kijkt me dankbaar aan

Accepteert uit beleefdheid een stukje brood

*

De anderen zijn al jaren dood, het was hun tijd

Maar voor haar gelden andere regels

Zelfstandige vrijheid en een veilig thuis

Trots en tevreden overleeft ze iedereen

*

’s ochtends zit ze klaar voor de rituele groet

’s avonds schuift ze aan bij het zitje in de tuin

De steenmarters jagen, maar niet op haar

Ze was er altijd al, haar aanwezigheid onbetwist

*

En elke winter denk ik weer

Dit kan wel eens haar laatste zijn

Dan blijft ze binnen en staart door het raam

Komt heel soms naar buiten voor een hapje sneeuw

Of wacht tot ik het ijs van het water haal

Maar als de zon voldoende schijnt

Komt ze weer buiten eten, drinken van het regenwater

En schuift ze aan bij het zitje in de tuin.