Te lang heeft Europa onderdanig meegebogen met de Amerikaanse geweldspolitiek.

Stevo Akkerman Trouw. 8 mei 2026, 06:23

*

Je zult zien dat de Democraten dankzij de puinhopen van Trump de volgende presidentsverkiezingen winnen, en dan gaan ze de Navo natuurlijk redden van de ondergang, tot grote opluchting van hun Europese partners. Vier jaar hebben we weer een vriend in Washington en klinken er de juiste woorden over democratie, diplomatie, mensenrechten.

Totdat een volgende Amerikaanse president – een J.D. Vance, bijvoorbeeld – er alsnog een einde aan maakt. En Europa, niet voorbereid op dit scenario, overgeleverd is aan de dreiging, de chantage, zo niet het geweld van Moskou.

De scheiding is al ingezet

Ik geloof, met andere woorden, dat de scheiding tussen de VS en ons al is ingezet en dat Europa zich niet in slaap moet laten sussen door de gedachte dat het Witte Huis altijd weer een andere, vriendschappelijkere bewoner kan krijgen. Het kan, maar ik zou nergens op rekenen.

Trump mag een extreem geval zijn, zijn presidentschap is geen ongelukje, anders hadden de Amerikanen hem geen tweede termijn gegund. En zijn afkeer van de Navo is geen gril. Het idee van een non-profitorganisatie voor democratie en veiligheid is hem ten enenmale vreemd. In 1990 zei hij al in een Playboy-interview dat de zogeheten bondgenoten zouden moeten betalen voor de Amerikaanse militaire bescherming.

Inmiddels haalt hij de ene na de andere Europese leider door het slijk en blijft hij beweren dat de Europeanen Amerika nooit op enige manier te hulp zijn geschoten. Hoe vaak Mark Rutte hem ook zoetjes in zijn oor fluistert dat dit niet helemaal waar is, Trump houdt eraan vast.

Artikel 5 van het Navoverdrag

Hij wéét dat na 9/11 artikel 5 van het Navoverdrag geactiveerd werd, de enige keer dat dit gebeurde, en dat Europeanen aan Amerikaanse zijde vochten en sneuvelden in Afghanistan, maar soms heeft hij liever zijn eigen, alternatieve feiten.

De alliantie is een ‘papieren tijger’, zegt Trump, en hij laat voortdurend weten dat hij sterk overweegt Amerika eruit terug te trekken. Daarmee heeft hij de afschrikwekkende werking van de Navo al grotendeels ongedaan gemaakt, want zonder de militaire macht van Amerika is het bondgenootschap zwaar gehandicapt.

En dat is wat Europa zelf zal moeten gaan repareren.

*

Zo ruig als Trump gedroegen Democratische presidenten zich nooit. Maar – zoals Europa-expert Luuk van Middelaar in 2021 zei in Trouw – ook onder Joe Biden was het al ‘America First’, wat onder meer bleek uit een onderzeeër-akkoord met Australië, ten koste van Frankrijk.

Bijna tien jaar eerder, onder Obama, was de ‘draai naar Azië’ afgekondigd: niet langer zouden Europa (en het Midden-Oosten) het speerpunt vormen van de Amerikaanse buitenlandse politiek, maar de Stille Oceaan. Daar lagen voortaan de belangen van de VS.

Het weerhield veel Europeanen, en zeker de Atlantisch-gezinde Nederlanders, er niet van de Amerikanen nog lang te blijven zien als onze bevrijders, wat het des te gemakkelijker maakte de militaire, economische en culturele dominantie van de VS te omhelzen.

VS wilden niet meedoen aan WO II

Aan die rol van bevrijders wil ik niets afdoen. Ik ken de oorlogsgraven van Amerikaanse soldaten in Nederland en de leeftijden die daarop vermeld staan. Maar in het licht van het huidige schisma tussen de VS en Europa is het goed te beseffen dat de meeste Amerikanen helemaal niet actief betrokken wilden raken bij de oorlog in Europa.

In 1940 was nog 92 procent van hen tegen inmenging in de strijd, mede dankzij een organisatie als het America First Committee. Pas na de Japanse aanval op Pearl Harbor, op 7 december 1941, werd het werkelijk een wéreldoorlog: de VS verklaarden de oorlog aan Japan, Duitsland en Italië verklaarden de oorlog aan de VS.

Zo was het ook met de Eerste Wereldoorlog gegaan; president Woodrow Wilson tekende in 1914 nog een neutraliteitsverklaring en won in 1916 de verkiezingen met als slogan ‘He kept us out of war’. Een maand na zijn inauguratie voegde hij zich toch aan de geallieerde zijde, mede omdat Duitsland zijn duikbotenoorlog had hervat, waarbij Amerikaanse slachtoffers vielen.

Nu was Wilsons boodschap dat Amerika een mondiale opdracht had: ‘To make the world safe for democracy’. Tussen deze twee polen – isolationisme en interventionisme – is Amerika altijd blijven zweven. Noem het gerust een land met twee zielen in één borst, waarbij de president vaak aan dezelfde afwijking lijdt.

Hoezeer Trump als president ook een categorie in zichzelf vormt – een maffiose ondernemer met fascistoïde neigingen – verschilt hij niet zo veel van zijn voorgangers. Een isolationistische agenda, onder de bekende banier van America First, wordt gevolgd door verrassende militaire interventies.

Al dan niet met goede bedoelingen, zeg ik daarbij. Want er is weliswaar een lange lijst te maken van onwettige, ongerechtvaardigde en ondoordachte interventies door de VS, maar niet élk ingrijpen was negatief. Kort gezegd: Adolf Hitler moest gestopt worden. En omgekeerd is ook waar dat soms niet werd ingegrepen waar dat wel noodzakelijk was. Denk aan de genocide in Rwanda.

Lange lijst van schande

Maar die lange lijst van schande bestaat dus wel: Amerikaanse complotten, ontvoeringen, staatsgrepen, moorden, aanvallen, oorlogen. Van de Filippijnen, Guatemala, Congo, Vietnam, Chili, Irak en Libië tot aan Trumps oorlog tegen Iran – het is maar een greep.

Vanwege de actualiteit zoom ik even in op dat laatste voorbeeld. In 1953 was het de CIA die achter de coup zat tegen de Iraanse premier Mohammad Mossaddegh, nadat die de olie-industrie had genationaliseerd. De Amerikanen hielpen shah Pahlavi in het zadel, die een pro-westers, maar ook corrupt, autocratisch en wreed regime voerde. Dat leidde tot de islamitische revolutie van 1979, waarna ayatollah Khomeini een uiterst anti-Amerikaanse koers insloeg en een volgend schrikbewind begon.

De Amerikaanse bemoeienis was daarmee niet voorbij, zoals bleek uit de Iran-Contra-affaire, die in 1986 tot uitbarsting kwam. Onder president Ronald Reagan bleek Amerika in het geheim tanks te hebben geleverd aan Iran, in ruil voor de vrijlating van gegijzelde Amerikanen.

Met de opbrengst van die wapenhandel waren vervolgens de Contra’s gesteund, de rechtse guerrilla’s die vochten tegen de sandinistische regering van Nicaragua. Het was allemaal even spectaculair als illegaal.

Lak aan het internationale recht

En het illustreert hoe weinig de VS zich gelegen laten liggen aan het internationale recht, niet alleen in het geheim overigens, maar ook in het volle daglicht. Zie de inval in Irak, onder George W. Bush. De ‘droneoorlog’ tegen islamitische militanten in Pakistan, onder Barack Obama. Het actieve verzet tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag, opgepookt onder Trump. Het torpederen van Venezolaanse smokkelboten, als dat het zijn. De ontvoering van de Venezolaanse president Nicolás Maduro. De aanval op Iran.

Zeker, Maduro was een dictator. Het Iraanse ayatollah-regime is een verschrikking. Maar dat rechtvaardigt niet het eigenmachtig optreden van de VS. En dat eigenmachtige optreden, dat anarchie en geweld betekent op het internationale toneel, werpt een zware schaduw over de Navo.

De voorbeelden zijn te talrijk en ze komen van te veel verschillende Amerikaanse presidenten om erop te kunnen vertrouwen dat alles wel weer in orde zal komen bij een wisseling van de macht in het Witte Huis. De conclusie is onontkoombaar: als Trump zelf niet al van de alliantie af zou willen, zouden de andere lidstaten afscheid moeten gaan nemen, al mag dat wat tijd kosten.

*

Eind april noemde de Franse president Emmanuel Macron de situatie van vandaag – ‘met een Russische, Chinese en Amerikaanse president die totaal tegen de Europeanen zijn’ – een moment om wakker te worden.

Ook zonder Trump zullen spanningen met de VS aanhouden, zei hij tijdens een publieke discussie in Athene: “Dit is een historische trend.” Steeds meer Europese staatshoofden delen die conclusie, volgens Macron. “We moeten als Europa reageren, meer verenigd zijn, onszelf en onze belangen zelf verdedigen.”

Europa is er (nog) niet klaar voor

Is Europa daar klaar voor? Nee. Maar dat hoeft niet zo te blijven. In het interview dat ik eerder aanhaalde, betoogde Luuk van Middelaar ook dat de EU, die normaal gesproken uitblinkt in ‘regelpolitiek’, wel degelijk in staat is tot ‘gebeurtenissenpolitiek’. Namelijk in tijden van crisis, zoals bleek tijdens de corona-epidemie.

Niemand zal ontkennen dat de huidige veiligheidscrisis minstens zo urgent is. Er moet een Europese veiligheidsunie worden opgetuigd, terwijl er een reële dreiging heerst. Sommigen zeggen zelfs: een acute dreiging. In de veronderstelling dat Vladimir Poetin nog gebruik wil maken van de twee resterende Trump-jaren om de EU te testen met een aanval, bijvoorbeeld op een van de Baltische staten.

De vraag is hoe reëel dat is, mij lijkt dat Poetin voorlopig zijn handen vol heeft aan Oekraïne. Maar hoe dan ook, het feit dat de situatie van Europa precair is (bestaat de Amerikaanse bescherming, inclusief atoomparaplu, überhaupt nog wel?) dwingt het oude continent tot nadenken over nieuwe vormen van militaire samenwerking.

Zo wordt er, zij het nog aarzelend, opeens met verse belangstelling gekeken naar een clausule in het EU-verdrag – artikel 42.7, om precies te zijn – die onderlinge hulp voorschrijft als een van de lidstaten wordt aangevallen. Het lijkt op een variant van artikel 5 van het Navoverdrag, maar maakt niet duidelijk wat die hulp zou moeten behelzen, laat staan dat het een gezamenlijke militaire verdediging zou garanderen. Toch ligt hier wellicht het begin van een Europees schild.

*

Intussen kan Europa zich, hoe groot de tijdsdruk ook is, niet veroorloven alleen naar de praktische kant van de zaak te kijken. De ontwikkeling van geïntegreerde wapensystemen, de coördinatie van de verschillende legereenheden, de verhouding tussen nationale en bovennationale bevelvoering, het ontwikkelen van een gezamenlijke strategie, de rol van de Franse en Britse kernwapens daarin – het zijn allemaal cruciale zaken. Maar daar moet bezinning aan voorafgaan over wát er verdedigd moet worden.

Europa heeft te lang meegebogen

Het is een wassen neus gebleken, maar in het Navoverdrag werd eerbiedig gesproken over de ‘beginselen van democratie, persoonlijke vrijheid en rechtsorde’. Geen land houdt zich daar altijd aan, dat is erg genoeg, maar als de leidende natie deze grondslag stelselmatig ondermijnt en ook nog – ditmaal in de persoon van Trump – expliciet afwijst, verliest het bondgenootschap zowel zijn gezag als zijn kracht. Dat is de huidige toestand.

Te lang heeft Europa onderdanig meegebogen met de Amerikaanse geweldspolitiek. Dan krijg je dat een Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Ton Berendsen, zegt dat het internationale recht ‘niet het enige kader is dat je op deze situatie kunt plakken’, bij de Amerikaanse aanvallen op Iran.

Die houding, die eigenmachtige aanvallen goedpraat zolang het maar onze vrienden betreft, berooft het Westen van enig argument tegen het geweld van Poetin of welke agressor dan ook, zoals hoogleraar internationaal publiekrecht Larissa van den Herik betoogde in de NRC.

Een Europese verdedigingsorganisatie moet het woord ‘rechtsorde’ uit het Navoverdrag weer in ere herstellen, om werkelijk de internationale veiligheid te kunnen dienen. Daarbij zal militaire slagkracht hand in hand moeten gaan met een politiek die, zonder naïef te zijn, zoekt naar openingen naar vrede. Het huidige Europa is niet alleen de dochter van de overwinning op Hitler-Duitsland, maar ook van de verzoening tussen de winnaars en de verliezers van die oorlog. We mogen ons die erfenis niet af laten nemen.